Stallingvoorwaarden
1. Algemene stallingvoorwaarden 2012/ 2013:
- Deze voorwaarden zijn van toepassing op alle overeenkomsten waarin
Jachtstalling Groningen als stallinghouder optreedt. - Bewaargever is een ieder die een jacht stalt bij Jachtstalling Groningen.
- Van deze voorwaarden kan alleen schriftelijk worden afgeweken.
- De stallingovereenkomst tussen stallinghouder en bewaargever komt tot stand bij het ondertekenen van het stallingcontract waarbij bewaargever verklaard bekend en akkoord te zijn met de stallingvoorwaarden.
2. Stalling:
- De stallinghouder verbindt zich tegenover de bewaargever om tegen betaling, het te stallen object te bewaren in de stallingruimte staande en gelegen Stockholmstraat 3, 9723 BC te Groningen en dit na afloop van de stallingperiode nadat de hieraan verbonden verplichtingen geheel zijn voldaan terug te geven.
3. Stallingperiode:
- De stallingperiode loopt voor de termijn zoals vermeld op het aanmeldingsformulier. In verband met de planning wordt de datum van uit het water hijsen( in overleg met de bewaargever) door de stallinghouder vastgesteld, hetgeen minimaal 14 dagen van te voren schriftelijk (per e-mail) kenbaar gemaakt zal worden. Het in het voorjaar te water laten zal geschieden rond april 2013. De stallingovereenkomst kan door bewaargever, uiterlijk drie maanden voor de nieuwe stallingperiode, schriftelijk worden opgezegd (dus voor 1 juli).
- Bij niet tijdige opzegging wordt de stallingovereenkomst geacht stilzwijgend voor één winterseizoen te zijn verlengd.
- Tussentijds is deze overeenkomst door bewaargever behoudens onvoorziene omstandigheden niet opzegbaar.
- Een ieder wordt verzocht zijn schip op de datum van tewaterlating vaarklaar te hebben
4. Prijs en betaling:
- De totale stallingvergoeding is verschuldigd op het moment dat het vaartuig geplaatst is.
- Bewaargever is aan stallinghouder de stallingvergoeding bij vooruitbetaling verschuldigd.
- De tarieven zijn opvraagbaar bij de stallinghouder.
- Betaling dient te geschieden binnen 14 dagen na factuurdatum, zonder enige aftrek, korting of schuldverklaring.
- De Bewaargever, die de hem toegezonden factuur op de vervaldag niet heeft betaald, wordt geacht in gebreke te zijn. Alle incassokosten zijn voor zijn rekening alsmede de rente en overige kosten die nodig waren om de betaling te verkrijgen. De stallinghouder is gerechtigd het vaartuig van de in gebreke zijnde Bewaargever onder zich te houden, totdat hij deze huursom eventueel met incassokosten zal hebben voldaan.
- Bij tussentijdse huuronderbreking door de bewaargever zal de vergoeding niet worden terugbetaald.
- Er vindt geen restitutie van de stallingvergoeding plaats indien tijdens de duur van deze overeenkomst geen gebruik gemaakt wordt van de stalling.
- Verhogingen van de stallingvergoeding zullen slechts mogelijk zijn per verlengingsdatum en zullen uiterlijk drie maanden voor de afloop van de contractsduur schriftelijk door stallinghouder aan de bewaargever kenbaar worden gemaakt.
- Bij vervanging van het vaartuig dienen de nieuwe gegevens te worden doorgegeven aan de stallinghouder. Stallinghouder behoudt zich het recht voor om stalling van een vervangend vaartuig te weigeren.
5. Stallen:
- De stallinghouder zet het vaartuig in of uit de stallingruimte of verplaatst het op het terrein.
- Het is de bewaargever tijdens de stallingperiode uitdrukkelijk verboden om gas(flessen), olie- of benzine(reservoirs) of andere gevaarlijke, met name vluchtige en/of brandbare c.q. milieu onvriendelijke stoffen of zaken, danwel stoffen of zaken die aan bederf onderhevig zijn, in het vaartuig aanwezig te hebben. Voor eventuele schade die voortvloeit uit het aanwezig zijn van bedoelde zaken of stoffen is bewaargever aansprakelijk. Dit geldt ook voor bodemverontreiniging als gevolg van uit het object lekkende olie etc. Bewaargever is verplicht stallinghouder of diens gemachtigde permanente toegang tot het object te verschaffen teneinde nakoming van de hier genoemde veiligheidsvoorschriften te controleren.
- Het is bewaargever niet toegestaan om zich zonder toestemming van de stallinghouder binnen de stallingruimte te begeven, werkzaamheden aan het vaartuig uit te voeren of de stallingplaats aan derden in gebruik te geven.
- Men is gehouden op de werf, op de bijbehorende terreinen en in de zich aldaar bevindende gebouwen orde, rust en zindelijkheid te betrachten, de veiligheid in acht te nemen en te voorkomen, dat men door zijn gedrag en werkwijze aanstoot geeft. Eenieder die zich op het werfterrein bevindt, dient de aanwijzingen van het werfpersoneel op te volgen.
- Eigen werkzaamheden aan het schip buiten de openingstijden zijn mogelijk na overleg met de werfeigenaar.
- Bij vertrek en bij afloop van de werkzaamheden, dienen elektriciteitskabels uit de stopcontacten te worden verwijderd.
- De laatste die het werfterrein verlaat dient het toegangshek zorgvuldig af te sluiten.
- Men dient een trap of ladder aan de binnenkant van de scheepsbok te bevestigen.
- Schuren, lakken of schilderen, alleen dan wanneer overleg met de stallinghouder heeft plaats gevonden en alleen op de door de stallinghouder aangegeven plaatsen, zodat geen geschillen zullen ontstaan.
- Eenieder wordt verzocht zijn vuil mee te nemen of in de daarvoor bestemde containers te deponeren. Beslist geen vuil of afval achterlaten rond of onder de boot of elders op het terrein of in de hallen.
- Auto's alleen te plaatsen op het parkeerterrein en langs de weg.
- In verband met brandgevaar en beschadigingen aan andere schepen mogen mechanisch slijpen, lassen, branden en andere brandgevaarlijke activiteiten uitsluitend buiten uitgevoerd worden, indien hiervoor toestemming door de werf wordt verleend en brandpreventieve maatregelen zijn getroffen.
- In verband met gevaar voor diefstal; losse onderdelen zoals bbm/stootwillen, meertouwen enz. op te bergen in het schip of mee naar huis te nemen.
- Machinaal schuurwerk te verrichten alleen met stofafzuiging en ik de daarvoor bestemde hal.
- Het vaartuig dient behoorlijk en in verzorgde staat afgemeerd te worden.
- Masten die op boten blijven niet langer dan 0,50 meter uit te laten steken, zowel bij voor- als bij achterschip. Steken ze meer uit, dan worden er extra stallingkosten geheven.
- Het is op de terreinen en in de hallen van de werf beslist niet toegestaan:
- het stophout of de kielklem te verwijderen.
- met afvalstoffen, verfresten, olie, bilgwater e.d. het werfcomplex te verontreinigen.
- olie, verf of ander afval te deponeren in toiletten, wasbakken of waterafvoerputten.
- met auto's te rijden of auto's te plaatsen op het werfterrein, dit i.v.m. beschadiging van auto's en veiligheid van cliënten en werfpersoneel.
- mechanisch slijpen, lassen, branden en andere brandgevaarlijke activiteiten uit te voeren.
- elektriciteit te gebruiken voor kachels en laswerkzaamheden e.d.
- honden op het buitenterrein en in de hallen toe te laten, dit in verband met overlast aan derden.
- leidingwater te gebruiken voor het schoonspuiten van vaartuigen en auto's.
- lenswater of afval van boordtoiletten en bilgwater te lozen in de hallen of op de terreinen.
- eigendommen buiten het vaartuig onbeheerd te laten.
- kwasten schoon te smeren op muren, wanden en vloeren van de hallen.
- ander afval in de container te deponeren dan het normale en huishoudelijke afval wat direct met het schip te maken heeft.
- andere firma's of derden werkzaamheden te laten verrichten in de hallen of op de terreinen zonder toestemming van de werf.
- elektrische kachels of luchtaanjagers te gebruiken.
- te overnachten aan boord van schepen.
- te roken.
Bij twijfel: het werfpersoneel raadplegen.
6. Aansprakelijkheid en verzekering:
- Het stallen door bewaargever van een vaartuig bij stallinghouder geschiedt geheel voor eigen risico van de bewaargever. Het gestalde is vanwege stallinghouder niet verzekerd tegen welke schade dan ook.
- Stallinghouder is niet aansprakelijk voor schade, van welke aard of oorzaak dan ook aan personen of zaken van bewaargever toegebracht, of voor verlies of diefstal van enige zaak, ook is de werf niet aansprakelijk voor brandschade of vermissing van uitrusting en/of onderdelen, tenzij zulks het directe gevolg is van opzet of grove schuld aan de zijde van de stallinghouder en/of diens gemachtigde.
- Stallinghouder is niet aansprakelijk voor schade aan personen of zaken van bewaargever toegebracht die voortvloeit uit gebreken aan het gebouw waarin object gestald is, tenzij zulks het gevolg is van opzet of grove schuld aan de zijde van de stallinghouder en/of diens gemachtigde.
- Het jacht dient tenminste W.A. en tegen brand verzekerd te zijn en verblijft voor rekening en risico van huurder op onze werf..
- De werf aanvaard geen enkele aansprakelijkheid voor schades tijdens het hijsen en het transport van het jacht. De positie van de hijsbanden dient door de opdrachtgever aangewezen te worden.
- BIJ VERNIELING OF VERVUILING VAN WERFEIGENDOMMEN ZULLEN DE HERSTELKOSTEN IN REKENING WORDEN GEBRACHT!
7. Overig:
- Voor zover in deze overeenkomst niet anders is bepaald verplichten stallinghouder en bewaargever zich tot alles waartoe zij op grond van de wetten/of plaatselijke verordeningen jegens elkander gehouden zijn.
- Op onze stallingfaciliteiten, offertes en orderbevestigingen zijn van toepassing het werfreglement en alle HISWA-voorwaarden, voor zover deze onze eigen voorwaarden niet tegenspreken.
- Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.
- Voor zover onze eigen voorwaarden niet worden tegengesproken, geschieden onze transacties volgens de "HISWA"-voorwaarden, n.l.;
HISWA-ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DE HUUR EN VERHUUR VAN LIG- EN BERGPLAATSEN VOOR VAARTUIGEN
Vastgesteld in overleg met de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB, het Koninklijk Nederlands Watersport Verbond KNWV en door deze verenigingen aanvaard onder voorbehoud van toepassing in onverkorte en ongewijzigde vorm. Gedeponeerd ter Griffie van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam op 27 mei 1992, onder nummer 152 / 92.
